Dagvaardingsprocedure: dit kunt u verwachten

Als ondernemer werkt u het liefst aan het leveren van een mooi product of dienst. Op conflicten met leveranciers, klanten of samenwerkingspartners zit u uiteraard niet te wachten. Maar als het dan toch tot een procedure bij de rechtbank komt, is het fijn te weten wat u kunt verwachten. Dat leggen we in graag uit in een reeks blogs. In deze eerste blog staan we stil bij de dagvaarding en de dagvaardingsprocedure.

Een procedure bij de rechtbank kunt u namelijk op twee manieren starten: via een dagvaarding of verzoekschrift. In de wet staat wanneer u een dagvaarding en wanneer u een verzoekschrift moet gebruiken. Meer informatie over de verzoekschriftprocedure vindt u in een volgend blog.

1) Opstellen en uitbrengen van een dagvaarding

Als u een civiele procedure gaat beginnen is het opstellen van de dagvaarding (een officiële oproep om voor de rechter te verschijnen) de eerste stap. In de dagvaarding motiveert u uw vordering op de wederpartij (gedaagde). Alle feiten en omstandigheden die aan deze vordering ten grondslag liggen moet u in de dagvaarding noemen en zoveel mogelijk onderbouwen met bewijsmiddelen. Een dagvaarding moet aan bepaalde wettelijke vereisten voldoen. Het is dus raadzaam om een dagvaarding door een advocaat of jurist te laten opstellen. De rechter kan de vordering namelijk afwijzen als de dagvaarding niet aan de vereisten voldoet.

Als de dagvaarding klaar is, zal een deurwaarder deze bezorgen bij de wederpartij. Dit wordt ook wel de ‘betekening’ van de dagvaarding genoemd.

2) Schriftelijke ronde

Nadat u (of uw advocaat of jurist) bericht hebt ontvangen van de deurwaarder, stuurt u de dagvaarding naar de rechtbank met het verzoek om de zaak in behandeling te nemen. Dit wordt ook wel het ‘aanbrengen’ van de dagvaarding genoemd. De zaak zal vervolgens op de ‘rol’ (agenda) van de rechtbank worden ingeschreven.

De gedaagde die zich wil verweren tegen de vordering in de dagvaarding kan een advocaat inschakelen om zich namens hem bij de rechtbank te melden. Deze advocaat krijgt vervolgens de gelegenheid om een reactie (verweer) te schrijven op de dagvaarding. Deze reactie heet een ‘conclusie van antwoord’. De termijn voor het indienen van een conclusie van antwoord is doorgaans vier tot zes weken.

Schakelt de gedaagde geen advocaat in om verweer te voeren en meldt zich dus niemand namens gedaagde bij de rechtbank? Dan wijst de rechtbank de vordering toe in een verstekvonnis, behalve als de vordering onrechtmatig of ongegrond is.

3) Mondelinge behandeling

Nadat de gedaagde een conclusie van antwoord heeft ingediend bepaalt de rechter het verdere verloop van de procedure. In de meeste gevallen zal de rechter partijen uitnodigen voor een mondelinge behandeling. Dit wordt ook wel een ‘comparitie van partijen’ genoemd. Dit is een zitting op de rechtbank met partijen, hun advocaten, de rechter en de griffier. Tijdens de mondelinge behandeling krijgen beide partijen de gelegenheid om hun argumenten nader toe te lichten. Ook zal de rechter vragen stellen en de mogelijkheid van een schikking onderzoeken.

Tijdens de mondelinge behandeling krijgt u vrijwel altijd de mogelijkheid om alsnog een schikking te treffen. De rechter stuurt u en de gedaagde dan met uw advocaten ‘naar de gang’. Soms geeft de rechter daarbij een indicatie mee van wat hij/zij zal beslissen als u geen schikking bereikt.

4) Uitspraak

Komt het niet tot een schikking? Dan neemt de rechter in principe binnen zes weken een beslissing over de zaak. In de praktijk wordt de beslissing vaak (soms wel meerdere keren) uitgesteld. Dat uitstel kan te maken hebben met de complexiteit van de zaak, maar ook met werkdruk van rechters.

Deze beslissing wordt ook wel uitspraak of vonnis genoemd, en wordt aan de advocaten toegezonden. Dit vonnis kan een toewijzend of afwijzend eindvonnis zijn waarin de rechter over de gehele zaak een oordeel geeft en waarmee de zaak eindigt. Maar het kan ook een tussenvonnis zijn waarin de rechter opschrijft hoe hij/zij over de zaak denkt en hoe de verdere procedure verloopt.

5) Verzet, hoger beroep en cassatie

Bent u het niet eens met een vonnis van de rechter? Niet getreurd, want u kunt meestal een rechtsmiddel tegen het vonnis instellen.

Tegen een verstekvonnis kan de gedaagde verzet instellen door de eiser te dagvaarden voor dezelfde rechter binnen vier weken na het verstekvonnis. De verzetdagvaarding moet het verweer tegen de eis bevatten.

Als een partij het niet eens is met het vonnis van de rechter, bestaat de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan. Dit moet een advocaat doen, en wel binnen drie maanden na de uitspraak. De zaak zal dan opnieuw worden behandeld, ditmaal door het gerechtshof.

Tot slot bestaat de mogelijkheid om in cassatie te gaan bij de Hoge Raad, als een partij het niet eens is met de uitspraak van het gerechtshof. Dit kan binnen drie maanden na de uitspraak in hoger beroep. Het gaat in dit geval om een cassatieberoep, waarbij wordt verzocht de eerdere uitspraak van een gerechtshof te vernietigen. Ook hiervoor is een advocaat nodig.

Hoe lang duurt een dagvaardingsprocedure?

Een eenvoudige zaak die verloopt zoals hiervoor geschetst (dagvaarding, conclusie van antwoord, zitting, uitspraak) duurt – zonder hoger beroep – ongeveer een jaar. Maar als de zaak ingewikkelder is en er bijvoorbeeld een tweede schriftelijke ronde of een getuige- of deskundigenverhoor nodig is, zal de procedure (veel) langer duren. Ook als uzelf of de wederpartij verzet of hoger beroep instelt, zal de procedure meer tijd in beslag nemen. Bij het bepalen van uw processtrategie is het dus ook van belang om rekening te houden met de tijd die een procedure in beslag zal nemen.

Hoe kunnen we u helpen?

Heeft u een dagvaarding ontvangen of wilt u een persoon of bedrijf dagvaarden? Neem dan vooral vrijblijvend contact met ons op. Wij adviseren graag!

Door Isa Zoutberg

Lees ook:

Image 01 Image 01